Eten met de seizoenen is geen trend. Het is gewoon logisch.
In de winter voelt je lijf vaak precies wat de natuur al weet: je hebt behoefte aan warmte, vezels, vitamines en stevige kost. En raad eens? Dat is precies wat er nu uit Nederlandse grond komt. Denk aan kolen, spruiten, prei, wortel, ui, knolselderij, pastinaak. Toch eten we massaal “alsof het zomer is”. Boontjes uit verre landen, tomaten die vooral naar water smaken, en groente die eigenlijk niet bij het seizoen past. Dat kan. Maar het heeft een keerzijde. Voor jou, voor de boer, en voor verspilling.
Waarom eten met de seizoenen zo belangrijk is
1) Wintergroente past bij wat je lijf nodig heeft
Wintergroenten zoals kool, spruitjes en prei zijn vaak rijk aan vezels en zitten vol micronutriënten die je lijf goed kan gebruiken in koudere maanden. Ze zijn gemaakt om tegen kou te kunnen en jij profiteert mee als je ze eet in het seizoen.
Bijkomend voordeel: groente uit het seizoen is meestal verser, komt vaker van dichterbij, en heeft vaak simpelweg meer smaak omdat het op het juiste moment geoogst is.
2) Seizoensgroenten zijn duurzaam (zonder dat je er moeite voor hoeft te doen)
Als je kiest voor wat hier nú groeit, is er meestal minder energie nodig voor teelt en logistiek (denk aan verwarmde kassen, verre transporten, ingewikkelde koelketens). Seizoenseten is niet “streng”; het is gewoon de makkelijke route naar duurzamer.
Hoe supermarkten werken (en waarom dat botst met de natuur)
Supermarkten zijn in de basis vraaggestuurd. Dat betekent: ze kopen vooral in waarvan ze verwachten dat consumenten het willen kopen. En waar ze goed op kunnen sturen met prijs, aanbiedingen, schappenruimte en jaarrond beschikbaarheid. Logisch vanuit hun systeem.
Maar de natuur werkt niet vraaggestuurd.
De natuur is aanbodgestuurd: het ene jaar zijn er meer kolen, het andere jaar is er meer van iets anders. Oogstpieken zijn echt. En als er dan weinig plek is in het “standaard” supermarktassortiment voor die seizoenspiek… dan krijg je een pijnlijk gevolg:
boeren kunnen met overschot blijven zitten.
Niet omdat de groente niet goed is, maar omdat het systeem vooral draait op voorspelbaarheid en verkoopbaarheid.
En dat is precies wat nu ook dreigt te gebeuren: perfecte groenten die niet “meekomen” in de vraag, belanden te vaak niet op borden maar in reststromen of erger; als verspilling. Dat is frustrerend. En onnodig.
Dus wat is de oplossing? Eten met de natuur mee.
Als we in een jaar met veel kolen massaal kiezen voor “iets anders”, dan blijft die oogst liggen. Terwijl het juist logisch is om dan te zeggen: oké, we gaan vaker kool eten. Niet uit plicht, maar omdat het nú het lekkerst is, vaak betaalbaar, en super veelzijdig.
En laten we eerlijk zijn: in een goed recept smaken Nederlandse wintergroenten écht fantastisch. Een stevige soep, een traybake, een wok met spruiten en noten, een salade met geroosterde wortel en tahin… je mist niks.
Hoe Boerschappen het anders doet
Bij Boerschappen eet je met de seizoenen mee. Je kiest natuurlijk wel je stijl (met vlees, zonder vlees, met zuivel of geheel plantaardig), maar de basis is: wat komt er nú van het land, en waar staan boeren nu graag voor op?
Dat is niet alleen omdat ze het hebben. Maar ook omdat het past bij:
- de bodem en het seizoen (en dus beter voor de natuur)
- minder verspilling
- meer smaak en versheid
- en: een gezondere mix door het jaar heen
We willen je graag fit en vitaal zien en eerlijk is eerlijk: de natuur heeft daar veel in te bieden, als we haar een beetje volgen.
Spruiten hebben bij veel mensen een slechte reputatie, maar dat komt meestal door één ding: te lang koken. Dan worden ze zwavelig en papperig. Zonde, want ze kunnen juist nootachtig en lekker zoetig zijn.
Boer Jochem vertelde ons dat spruiten planten hun grote bladeren gebruiken om energie van de zon te pakken, en die in de spruitjes te stoppen. Daarom passen spruiten zo bij de winter. Kook ze kort of wok ze: dan blijven ze knapperig en lekker.
Als we met z’n allen iets meer met de seizoenen mee eten, gebeurt er iets moois:
Dat is geen perfect verhaal. Het is gewoon: samen wat logischer eten.